Scholeksters in de stad

Scholeksters in de stad

Scholeksters zijn prachtige vogels, maar het gaat niet zo goed met ze. Hieronder geven we informatie hoe we de scholekster kunnen helpen.

Over de scholekster

De scholekster is een makkelijk te herkennen vogel. Hij is zwart met wit, heeft roze poten en een lange oranjerode snavel. Het geluid dat hij maakt is een schel en hoog “(te)piet!”, hij wordt daarom ook wel ‘Bonte Piet’ genoemd. Je kent hem misschien van de weilanden of de Waddenzee, maar hij komt tegenwoordig steeds vaker in steden of dorpen voor.

In de lente en in de zomer is hij door heel Nederland te zien. Na de zomer trekken alle scholeksters weer naar de kustgebieden.

Waarom komen scholeksters naar de stad?

Scholeksters komen naar de stad om te broeden op platte (grind)daken. Waarschijnlijk doen ze dit, omdat ze op deze manier meer jongen groot kunnen brengen. Door op daken te broeden zijn ze veiliger voor roofdieren. Doordat de ouders zelf hun jongen voeren kunnen ze die met pendelvluchten van voedsel voorzien.

Helaas is de scholekster de afgelopen decennia snel in aantal achteruitgegaan. De scholekster kan daarom onze hulp goed gebruiken, vooral tijdens het broedseizoen in de stad.

Hoe ziet het nest eruit?

De meeste scholeksters kiezen voor een plat dak met grind. De mannetjes maken ondiepe kuiltjes, die ze versieren met een paar stokjes of steentjes. Nadat het vrouwtje een mooi kuiltje heeft uitgekozen legt ze twee tot vier eieren. Na 27 dagen broeden kruipen de kuikens uit het ei.

In tegenstelling tot veel andere vogels hebben ze meteen al dons en gaan ze binnen een dag aan de wandel.

Hoe kunnen we de kuikens op het dak helpen?

Niet alle jongen worden groot, omdat er bijvoorbeeld niet genoeg voedsel is, of omdat ze worden opgegeten. Dit is een natuurlijk proces. In de stad lopen de jongen echter tegen extra problemen aan. Zo verdwijnen ze vaak via regenpijpen in het riool of raken ze verzwakt door extreem hoge temperaturen op het dak, door gebrek aan beschutting en water. Wat kan helpen is het plaatsen van een bak met water op het dak en die geregeld bijvullen.

Daarnaast is het goed om iets op het dak te plaatsen waar de jongen onder kunnen kruipen, zoals een pallet. Dit zorgt ervoor dat de jongen schaduw hebben en kunnen schuilen als er bijvoorbeeld een meeuw overkomt. Verder kunnen open regenafvoeren eenvoudig worden afgedekt met een boldraadrooster/kraaienkap of een stuk gaas. Dit voorkomt dat de jongen in de afvoer verdwijnen.

Wat gebeurt er als de jongen van het dak af gaan? Wanneer moet de Dierenambulance ingeschakeld worden?

Op een gegeven moment vallen of springen de kuikens van het dak af, dit is een riskante situatie die niet alle jongen overleven. Als ze het hebben overleefd lopen ze soms een beetje mank als gevolg van de val, maar meestal herstelt het pootje vanzelf. Het is belangrijk om te weten dat de ouders contact blijven houden met de jongen. Soms zijn ze even afwezig, maar de jongen raken niet “verweesd” en de ouders blijven ook op de grond voor ze zorgen.

Alleen als een kuiken (bijna) niet meer kan lopen, een gebroken poot of vleugel heeft of door een kat is gegrepen, is het raadzaam om de Dierenambulance in te schakelen. In alle andere situaties is het beter om de jongen bij de ouders te laten!

Mocht het zo zijn, dat de kuikens zich op een gevaarlijke plek bevinden, bijvoorbeeld langs een drukke autoweg, dan kan het verstandig zijn om ze op te pakken en naar een veiliger plek te brengen, zoals een grasveldje in de buurt. Het is belangrijk om het jong tijdens het verplaatsen hoog in de lucht te houden, bv. in een open mandje, zodat de ouders het jong kunnen blijven volgen.

Moeten we de jongen terug op het dak zetten?

Als de jongen van het dak afgegaan zijn, gaan ze de ouders achterna. Die roepen hen en nemen hen mee naar een plek waar voedsel is. Het nest wordt niet meer gebruikt als de eieren zijn uitgekomen. Het terugplaatsen van een jong op het dak heeft dan ook vaak geen zin.

De kans is dan namelijk groot dat ze er direct weer af gaan, met een vernieuwde kans op letsel als gevolg. Wat wel helpt is om de situatie op het dak gunstiger te maken, zodat de kuikens er langer op blijven.

Bron: Stichting Scholekster op het dak

Deel dit artikel met anderen:
JA, ik help dieren in nood!Doneer nu