0
 0,00 0 items

Geen producten in de winkelwagen.

JA, ik help dieren in nood! Doneer nu!
0
 0,00 0 items

Geen producten in de winkelwagen.

Collega Anneroos nam een kijkje achter de schermen bij Stichting de Ezelshoeve en maakte tijdens dit bezoek een leuke vlog. Kijken jullie mee?!

Een tijdje geleden waren onze collega''s Anneroos en Rachelle op bezoek bij Konijnenopvang K''nijn en Ko kijken jullie mee?!

Voor kleine dieren blijken een stevige vervoersmand, die op de grond achter de bijrijdersstoel dwars op de rijrichting geplaatst wordt, een vervoersmand in de kofferruimte die dwars op de rijrichting tegen de achterbank vastgezet wordt, en het speciale dierenzitje de veiligste manieren van vervoer te zijn.

Voor grotere dieren is een stevige reiskennel in de laadruimte, die dwars op de rijrichting tegen de achterbank wordt geplaatst en vastgezet, het beste voor de veiligheid van het dier. Zet indien mogelijk de autogordels op de achterbank vast voor meer stevigheid.

Niet aan de halsband!

Wat je in ieder geval niet moet doen, is je hond (of kat) vastmaken in de auto met behulp van zijn halsband. Bij hard remmen of een aanrijding krijgt het dier daardoor een harde ruk aan zijn nek waardoor hij zijn nek kan breken of zijn keel, nek en luchtpijp kan beschadigen. Gebruik dus altijd een tuigje als je het dier vastzet, zodat de kracht over het hele lichaam wordt verdeeld.

Knoop ook nooit je dier met de riem ergens aan vast, ook niet bij het gebruik van een tuigje. Bij een botsing wordt de knoop door de klap zo strak aangetrokken dat je hem er heel lastig uit kan krijgen. Mocht je dan na een ongeluk het dier snel uit het voertuig moeten halen, dan lukt dit niet.

Laat nooit je dier achter in de auto

Binnen korte tijd kan de temperatuur in de auto snel oplopen, dit kan fatale gevolgen hebben voor je dier. Laat je dier dus nooit in de auto achter, ook niet heel even!

Illustratie wanneer het te warm in de auto is

Hier nog een aantal tips voor tijdens de reis: 

Bron: LICG

Je achtertuin is mogelijk voor vele dieren een veilige haven, maar hoe veilig is jouw tuin daadwerkelijk? Wij delen graag deze tips met je zodat je je tuin zo diervriendelijk als mogelijk kan maken. 

  1. Bedek putten en maak een trappetje in hoge water- of afvoerbakken.
  2. Houd de deur(en) van je schuur dicht.
  3. Gebruik geen chemische bestrijdingsmiddelen en berg gif goed en veilig op.
  4. Maak een trappetje in je vijver.
  5. Zorg voor vertrouwde verstopplekken zoals bomen en hoge struiken voor de vogels en lage struiken en bodembeplanting voor bijvoorbeeld padden en egels.
  6. Gooi afval in de vuilnisbak en zorg dat de vuilnisbak goed gesloten is.
  7. Let op voordat je het gras gaat maaien of de heg gaat snoeien of er geen dieren zich daar hebben verscholen.

Heb je een moestuin?

  1. Span liever geen netten maar als dit toch moet, houd de groente- en fruitnetten ca. 15 cm boven de grond.
  2. Als je compost uit een composthoop haalt, doe dit dan rustig en let op of er geen dieren tussen zitten.
  3. Als je gebruik maakt van een brandstapel, controleer van te voren of er geen dieren tussen het hout zitten.
  4. Houd je tuinkas dicht en zorg ervoor dat eventueel gif op een hoge en lastig te bereiken plek is opgeslagen

 

Bron: Hart voor Dieren

Is een schildpad een reptiel of een amfibie? Het antwoord is: een schildpad is een reptiel. Toch is de verwarring goed te begrijpen. Reptielen en amfibieën lijken soms op elkaar. Ze zijn allebei gewervelde dieren en worden vaak koudbloedig genoemd. Maar er zijn ook duidelijke verschillen.

Wat is een reptiel?

Reptielen zijn gewervelde dieren die hun lichaamstemperatuur vooral regelen met hulp van hun omgeving. Ze zoeken bijvoorbeeld een warme plek in de zon op, of juist schaduw als ze te warm worden.

De huid van reptielen is droog en bedekt met schubben of hoornplaten. Daardoor verliezen ze minder snel vocht dan amfibieën. Reptielen ademen met longen. Veel soorten leven vooral op het land, al zijn er ook reptielen die veel in of bij water te vinden zijn, zoals krokodillen en veel schildpadden.

De meeste reptielen leggen eieren. Die eieren hebben meestal een leerachtige of kalkachtige schaal. Niet alle reptielen doen dat op dezelfde manier. Sommige soorten krijgen levende jongen. Jonge reptielen lijken bij het uitkomen of bij de geboorte al op kleine volwassen dieren. Ze hebben dus geen larvestadium zoals veel amfibieën.

Voorbeelden van reptielen zijn schildpadden, krokodillen, hagedissen, slangen en brughagedissen.

Wat is een amfibie?

Amfibieën zijn ook gewervelde dieren die hun lichaamstemperatuur vooral laten afhangen van hun omgeving. Hun huid is heel anders dan die van reptielen. Amfibieën hebben een dunne, vochtige en goed doorlaatbare huid. Daardoor kunnen ze snel uitdrogen en zijn ze gevoelig voor veranderingen in hun leefomgeving.

Veel amfibieën leven een deel van hun leven in het water en een deel op het land. Voor hun voortplanting zijn ze meestal afhankelijk van zoet water. Daar worden de eieren afgezet en daar groeien de larven op. Denk bijvoorbeeld aan kikkervisjes, die later veranderen in volwassen kikkers of padden.

Volwassen amfibieën ademen vaak met longen en via hun huid. Bij jonge amfibieën, zoals larven, spelen kieuwen vaak een belangrijke rol.

Voorbeelden van amfibieën zijn kikkers, padden en salamanders.

De belangrijkste verschillen

Een reptiel herken je meestal aan een droge huid met schubben of hoornplaten. Reptielen ademen met longen en jonge reptielen lijken al op kleine volwassen dieren.

Een amfibie heeft juist een dunne, vochtige huid. Veel amfibieën zijn voor hun voortplanting afhankelijk van water. Hun jongen beginnen vaak als larve en veranderen later van vorm.

Wat hebben reptielen en amfibieën gemeen?

Reptielen en amfibieën hebben ook overeenkomsten. Ze zijn allebei gewervelde dieren en hun lichaamstemperatuur hangt sterk af van hun omgeving. Daarom zie je ze vaak op plekken waar ze kunnen opwarmen, schuilen of afkoelen.

Soms komen reptielen en amfibieën in hetzelfde gebied voor. Dat gebeurt vooral op plekken waar land en water dicht bij elkaar liggen, zoals poelen, sloten, oevers, heidegebieden en natte natuurgebieden.

Er bestaan ook reptielen en amfibieën met gifstoffen of een andere vorm van verdediging. Sommige dieren hebben felle kleuren als waarschuwing voor vijanden. Maar let op: een felle kleur betekent niet automatisch dat een dier gevaarlijk is. In de natuur heeft kleur veel verschillende functies.

Kenmerken op een rij

Reptiel 

Amfibie

Zo haal je reptielen en amfibieën voortaan makkelijker uit elkaar. Kijk vooral naar de huid, de ademhaling, de voortplanting en de manier waarop jonge dieren opgroeien.

Xylitol wordt onder andere gebruikt als kunstmatige zoetstof in snoep, kauwgom, sommige light producten (bv ontbijtkoek), tandpasta en sommige producten voor diabetici. Bij honden heeft xylitol een andere werking dan bij de mens. Het zorgt ervoor dat er veel insuline in de bloedbaan wordt vrijgegeven, waardoor de hoeveelheid suiker in het bloed flink daalt. Al vanaf een half uur na inname kan dit symptomen veroorzaken als braken, zwakte en slapheid, toevallen, leverfalen en coma, waarna de hond kan overlijden. Als je de inname direct opmerkt, neem dan contact op met je dierenarts en laat je hond in de tussentijd alvast kleine hoeveelheden eten om zo te proberen de symptomen te voorkomen.

Het drinken van zoutwater of eten van veel zout kan tot een zoutvergiftiging leiden bij dieren. Dit kan bijvoorbeeld voorkomen bij honden die veel zeewater drinken.

Symptomen

Symptomen ontstaan vaak snel na inname (30-60 minuten) en bestaan uit braken, diarree, een ‘dronken’ gang, koorts, gevolgd door toevallen en coma. Deze vergiftiging is lastig te behandelen, neem daarom direct contact op met je dierenarts.

Zeewater

Voorkom dat je hond veel zeewater drinkt door zelf drinkwater mee te nemen en hem daarvan te laten drinken als je naar het strand gaat.

Himalayazoutlamp

Gelukkig komt het niet heel veel voor, maar wij willen jullie toch waarschuwen om leed te voorkomen. Een Himalayazoutlamp bestaat uit zout en honden en katten zijn nieuwsgierig van aard. Het kan dus voorkomen dat zij gaan likken aan de lamp. Let op dat jouw hond of kat niet aan deze lamp likt. Zo krijgen zij ook teveel zout binnen. 

6 himalayazoutlampen Dit zijn Himalaya zoutlampen.

NB: soms wordt bij vergiftigingen aangeraden een hond te laten braken door hem zout te geven. Doet dit nooit, ook dan kan een zoutvergiftiging ontstaan waaraan het dier kan komen te overlijden! 

Zorg dat je vakantie goed geregeld is, ook voor je huisdier. Nu is het moment om een aantal belangrijke zaken te controleren. Wacht niet tot vlak voor vertrek, want soms ben je dan te laat!

Je dier gaat mee

Als je dier mee gaat naar het buitenland, moeten er in de eerste plaats een chip, paspoort en vaccinaties geregeld worden. Maar hier houdt het nog niet op... Ga na wat de invoereisen zijn en houd er rekening mee dat niet elk hondenras overal welkom is! Een goed begin zijn de pagina’s van LICG over invoereisen in en buiten Europa. Maar denk ook aan dierziekten die in het buitenland voor kunnen komen en zorg voor bestrijding van parasieten. Overleg dit goed met je dierenarts.

Accommodatie

Check bij het boeken van het hotel of de camping of jouw huisdier wel welkom is. Meestal staat dit in de voorwaarden of in de huisregels van het verblijf. Tip: hang een 'niet storen' bordje op als het dier aanwezig is in de hotelkamer. Zo kan het dier niet wegglippen als het personeel de deur opent. 

Vervoer

Hoe ga je je dier vervoeren? En is dat wel veilig voor je dier, jezelf en je gezinsleden? Los in de auto is bijvoorbeeld een heel slecht idee... Hoe je je dier dan wel veilig in de auto meeneemt lees je in het dierenweetje 'Hoe vervoer je je dier veilig in de auto'.

Gaan jullie het water op? Dan is het ook goed om eens na te denken over de veiligheid van je hond aan boord van de boot. We hebben een aantal veiligheidstips voor je op een rijtje gezet. Lees het hier.

Je dier blijft thuis

Neem je je huisdier niet mee op vakantie? Dan heb je hopelijk al een pension of een oppas geregeld. Zo niet, doe het dan nu! Heb je een oppas voor je dier? Ga dan nog eens na of de afspraken duidelijk zijn. Zet de gegevens over de verzorging van je dier op papier, en laat je vakantieadres en contactgegevens achter.

Een geschikt pension vinden kan lastig zijn, maar deze checklist helpt jou de juiste keuze te maken.

Altijd doen

Mee of niet: zorg in elk geval voor voldoende voorraad van voer, medicijnen en andere benodigdheden en denk ook aan een EHBO-doos. Je oppas wil niet misgrijpen en in het buitenland is wellicht niet alles te krijgen wat je in Nederland voor je dier gebruikt. 

Bedenk dat het in de zomer flink warm kan worden, zowel in de auto als misschien in je huis of het dierenverblijf in de tuin. Ga na wat je daar aan kunt doen en instrueer de oppas. Hetzelfde geldt natuurlijk als je op wintersport gaat of als je dier thuis blijft en het erg koud wordt. Ook dan zijn er een aantal zaken waar je rekening mee kunt houden. 

Bestrijding

Zorg ervoor dat de parasietenbestrijding op orde is. Je wil natuurlijk niet thuiskomen in een huis vol vlooien… En in een pension is vlooien- en wormenbestrijding vaak een voorwaarde. Gebruik altijd een middel dat speciaal voor je huisdier bedoeld is. Gebruik nooit een middel tegen vlooien bij honden op je kat, dit kan dodelijk zijn! Lees hier meer over vlooienmiddelen bij dieren. 

Chippen én de registratie controleren!

Natuurlijk zorg je dat je hond of kat (maar eventueel ook je konijnen!) gechipt is en dat de registratie up to date is. Mocht je dier weglopen, dan is de kans dat je herenigd kan worden veel groter! Check dus nog even of je (nieuwe) adres en telefoonnummer wel goed in de database staan. Meer lezen over de noodzakelijkheid van chippen én registreren doe je hier. 

Bron: LICG

Thuis

  1. Hete kookplaten. Zet er eenvoudigweg een voldoende grote pan met koud water op en dek deze af.
  2. Kasten en lades. Altijd sluiten zodat geen dier zich erin kan verstoppen. Dat geldt ook voor de wasmand en de wasmachine. Voor je het weet heb je een diertje in de trommel gestopt of is deze er ingeklommen.
  3. Ramen. Beveiligen met net of gaas, en bijvoorbeeld ook open trappen om vallen te voorkomen. Lees ook ons artikel over kiepramen.
  4. Banken en stoelen. Van onderen afsluiten zodat bijvoorbeeld hamsters ze niet als nieuw huis betrekken. Ze kunnen in de verdrukking raken.
  5. Kabels en leidingen. Houd deze buiten bereik van kleine huisdieren en vogels of beveilig de kabels en leidingen. Over het algemeen geldt dit bij alle andere dieren wat betreft brandende kaarsen, medicijnen en mogelijk giftige stoffen, zoals chocolade, tabak en bepaalde planten.
  6. Toiletdeksel. Altijd dicht houden wanneer er katten, kleine honden en/of vogels in huis zijn.
  7. Fotolijsten. De lijsten die een beetje afstaan van de wand of (koel)kast zo beveiligen, dat vogels bij het rondvliegen door het huis er niet achter bekneld kunnen raken.

 

Buiten

  1. Fixeer voordat je tijdens het uitlaten van je hond een weg bereikt altijd de vastzetknop van de rollijn.
  2. Mobieltje bij wandelingen met je hond. Neem je mobieltje mee voor het geval er iets gebeurt, maar laat hem bij voorkeur in je zak zitten. Wanneer je constant naar beneden kijkt naar je telefoon, ben je je niet bewust van wat er in je omgeving allemaal gebeurt.
  3. Buitenverblijven aan de bovenkant beveiligen tegen ongewenst bezoek. Konijnenrennen zo plaatsen (of op tijd verplaatsen) dat de dieren zich er niet onderuit kunnen graven.
  4. Buitenverblijven altijd zo opstellen en inrichten dat er altijd voldoende schaduwrijke plekken zijn.
  5. Uitstaphulpjes installeren in vijvers en zwembaden. Hiermee red je het leven van zowel huisdieren als wilde dieren. Lees hier hoe je een egeltrap maakt.
  6. Opstaphulpjes op steile keldertrappen redden egels en andere wilde dieren, anders kan de keldertrap een dodelijke val worden.
  7. Voor singles in noodgevallen. Zorg dat je altijd een opvallend merkteken aan je sleutelhanger hebt, waarop staat dat er thuis een dier op je wacht- inclusief het telefoonnummer van iemand die je dier kan verzorgen.
  8. De klassieker: omdat het steeds weer gebeurt: laat nooit je hond achter in de auto!

 

Bron: Hart voor Dieren

In de maanden mei tot juli kan het zomaar voorkomen dat een zwerm bijen neerstrijkt in je tuin of nabije omgeving. In deze maanden vermeerderd een bijenvolk zich. Dit doen zij door een zogenaamde zwerm. Een flink gedeelte van het volk, enkele duizenden bijen, gaat er vandoor met de koningin in hun midden. Ze gaan op zoek naar een nieuw onderkomen. Voordat ze dit hebben gevonden maakt de zwerm een tussenstop. Ze vormen een klont bijen aan een boomtak, een hekje of een dakrand. Daar blijven ze een paar uur tot soms een paar dagen hangen. In de tussentijd gaan de verkenners op zoek naar een nieuw ‘huis’. Hoewel een bijenzwerm er dreigend uit kan zien, is het niet gevaarlijk. Bijen zijn er niet op uit om te steken. Ze zijn alleen op doorreis en hebben niets te verdedigen.

Wat moet je doen als je een bijenzwerm hebt gevonden?

 

Bron: www.bijenhouders.nl

Ik ben een dierenhulporganisatie

magnifiercross
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram