0
 0,00 0 items

Geen producten in de winkelwagen.

JA, ik help dieren in nood! Doneer nu!
0
 0,00 0 items

Geen producten in de winkelwagen.

Je ziet bloed bij je hond of kat en schrikt direct. Is het ernstig? Moet je meteen naar de dierenarts? En wat kun je zelf doen? Een bloeding bij hond of kat kan variëren van klein en onschuldig tot levensbedreigend. Juist daarom is het belangrijk om snel en rustig te handelen.

Je leest hier hoe je een bloeding herkent, wat je direct kunt doen en wanneer je moet ingrijpen. Liever direct de Eerste Hulp Bij Dieren-video bekijken? Klik dan hier!

Wat is een uitwendige bloeding bij hond en kat?

Een uitwendige bloeding betekent dat er bloed zichtbaar naar buiten komt, bijvoorbeeld door een wond. Bij een bloeding bij hond of kat kan het gaan om:

Het verschil zit vooral in de hoeveelheid bloed en hoe snel het stroomt.

Bloeding hond kat

Wanneer is een bloeding gevaarlijk?

Niet elke bloeding is meteen ernstig, maar er zijn situaties waarin je snel moet handelen. Als het bloed blijft stromen, snel uit de wond komt of je dier zwak wordt, kan er sprake zijn van een ernstige bloeding bij hond of kat. Ook diepe wonden of bijtwonden kunnen gevaarlijk zijn, zelfs als ze er aan de buitenkant klein uitzien.

Wat moet je direct doen bij een bloeding?

Het belangrijkste is dat je rustig blijft en snel handelt.

Probeer de bloeding te stelpen door voorzichtig druk uit te oefenen op de wond met een schone doek of gaasje. Blijf dit enkele minuten doen zonder steeds te kijken, zodat het bloed kan stollen. Houd je dier zo rustig mogelijk, omdat beweging de bloeding kan verergeren. Bij een bloeding bij hond of kat geldt: eerst druk geven, dan pas verder kijken.

Wat moet je juist niet doen?

Spoel een hevig bloedende wond niet direct met water, omdat dit het stollen kan verstoren. Ook is het belangrijk om de wond niet steeds opnieuw open te maken om te kijken of het bloeden al gestopt is. Gebruik geen middelen zoals alcohol of agressieve schoonmaakproducten. Dit kan de wond irriteren en het herstel vertragen.

Bloeding hond kat

Wanneer moet je naar de dierenarts?

In sommige gevallen is een bezoek aan de dierenarts noodzakelijk. Als de bloeding niet stopt na enkele minuten druk geven, als de wond diep is of als je dier pijn heeft of sloom wordt, moet je direct actie ondernemen. Ook bij bijtwonden is het verstandig om dit altijd te laten controleren, omdat deze snel kunnen ontsteken.

Hoe herken je dat je dier te veel bloed verliest?

Bij een ernstige bloeding bij hond of kat kun je signalen zien zoals bleek tandvlees, zwakte, snelle ademhaling of suf gedrag. Dit zijn tekenen dat je dier mogelijk in shock raakt. Dit is een spoedsituatie.

Kleine wond of toch behandelen?

Een kleine bloeding lijkt misschien onschuldig, maar het is belangrijk om de wond goed in de gaten te houden. Wordt de plek rood, dik of pijnlijk? Dan kan er een ontsteking ontstaan en is controle nodig.

Noodverband bij je hond of kat

Blijft de wond bloeden? Dan kun je een drukverband of noodverband aanleggen. Dit is een tijdelijke oplossing om je dier te stabiliseren totdat je bij de dierenarts bent. Het doel is niet om de wond netjes te verzorgen, maar om te voorkomen dat je dier doodbloedt.

Blijft er ondanks directe druk en een drukverband veel bloed uit de wond komen? Dan kan er sprake zijn van een slagaderlijke bloeding. In dat geval is het nodig om een tourniquet aan te leggen.

Hoe leg je een tourniquet aan?

Een tourniquet gebruik je alleen bij ernstige, levensbedreigende bloedingen aan een poot. Je bindt een stevig verband, een theedoek, een stuk touw of een veter om de poot, boven de bloedende plek. Vervolgens draai je met een pen of een stok het materiaal strakker tot het bloeden stopt. Zet dit daarna vast met een tweede verband zodat het niet losdraait.

Met een goed aangelegd drukverband of tourniquet stopt het bloedverlies, maar er stroomt dan ook geen bloed meer door het pootje. Daarom is dit altijd een tijdelijke maatregel om je dier in leven te houden tot je bij een dierenarts of dierenkliniek bent.

Je hoeft in deze situatie niet bang te zijn dat het te strak zit. Omdat het om een tijdelijke noodoplossing gaat, kan het eigenlijk niet te strak zitten, eerder wel te los. Als het bloeden niet stopt, zit het verband niet strak genoeg.

Let op pijn en bijtgevaar

Een dier met een bloeding heeft vaak al veel pijn. Zeker als er mogelijk ook sprake is van een botbreuk of ernstig trauma, kan aanraken of bewegen extra pijn veroorzaken. Houd daarom rekening met een mogelijke pijn- of bijtreactie en zorg ook voor je eigen veiligheid.

Bekijk de Eerste Hulp Bij Dieren-video

Wil je precies weten wat je moet doen bij een bloeding bij hond of kat? In de Eerste Hulp Bij Dieren-video legt dierenarts Piet Hellemans stap voor stap uit hoe je moet handelen.

Veelgestelde vragen over gebit wisselen

Niet gevonden wat je zocht? Bekijk de veelgestelde vragen en klik op het plusje (+) om het antwoord te bekijken.

Niet altijd. Kleine wondjes kun je vaak zelf verzorgen. Maar blijft het bloeden of lijkt de wond diep, dan is controle verstandig.

Dit kan komen doordat de wond steeds opnieuw open gaat, bijvoorbeeld door likken of bewegen. Rust en bescherming zijn belangrijk.

Bij kleine wonden wel, maar bij hevige bloedingen eerst stoppen met bloeden.

In nagels zit een bloedvat (het “leven”), waardoor een gescheurde nagel flink kan bloeden. Dit ziet er vaak erger uit dan het is, maar het kan lastig stoppen. Druk geven helpt meestal, en soms is een dierenarts nodig om het goed te behandelen.

Katten verbergen pijn en trekken zich vaak terug als er iets mis is. Zelfs een kleine bloeding bij een kat kan wijzen op een dieper probleem, zoals een bijtwond. Laat dit bij twijfel controleren.


Wil je meer van dit soort Eerste Hulp Bij Dieren video's zien?

Twijfel je soms of je het wel goed aanpakt met je huisdier? Je bent niet de enige. Juist daarom hebben we een uitgebreide reeks Eerste Hulp Bij Dieren-video’s gemaakt. Van nagels knippen en konijnen koppelen tot omgaan met een hond die bang is voor de dierenarts, en zelfs begeleiding bij het moeilijke moment van afscheid nemen.

Ontdek alle video’s en word zelfverzekerder in de zorg voor je huisdier. Klik hier en bekijk de complete serie.

De ademhaling, pols en temperatuur van je hond of kat zijn belangrijke gezondheidswaarden. Ze geven veel informatie over hoe het op dat moment met je dier gaat. Als dierenarts controleert Piet Hellemans deze standaard tijdens een onderzoek, maar ook thuis kun je deze waarden leren meten. Dat helpt je om sneller afwijkingen te herkennen.

Belangrijk is wel dat je deze metingen altijd in rust uitvoert. Na inspanning, spel of opwinding liggen de waarden tijdelijk hoger en krijg je geen betrouwbaar beeld van de normale situatie.

Piet legt je uit hoe je de ademhaling, pols en temperatuur controleert:

Ademhaling meten bij je hond of kat

De ademhaling tel je door één in- én uitademing samen als één ademhaling te tellen. Dit doe je gedurende één minuut, terwijl je dier volledig in rust is, bijvoorbeeld wanneer hij of zij ligt te slapen.

De normale ademhalingsfrequentie in rust is:

Kleine en jonge dieren ademen vaak wat sneller dan grote of oudere dieren. Zie je dat de ademhaling in rust duidelijk te hoog is? Dan kan dat wijzen op een luchtwegprobleem of een hartaandoening. Ook pijn of stress kan invloed hebben, maar bij twijfel is het verstandig om contact op te nemen met je dierenarts.

Pols opnemen bij honden en katten

De pols meet je aan de binnenkant van het achterpootje, ter hoogte van het dijbeen. Voel met je vingertoppen tussen de spieren aan de binnenzijde van het bovenbeen. Daar loopt de grote slagader van de achterpoot. Omdat deze tegen het bot aan ligt, kun je hem goed voelen kloppen.

De eerste keer kan het wat lastig zijn om de pols te vinden. Ook je hond of kat moet eraan wennen. Maar hoe vaker je dit oefent, hoe makkelijker het wordt.

De normale polsfrequentie in rust is:

Is de pols in rust te hoog? Dan kan dat passen bij bloedarmoede, bloedverlies, hartproblemen of luchtwegproblemen. Een te lage pols zien we soms bij vergiftigingen. In beide gevallen is het belangrijk om dit serieus te nemen en je dier te laten onderzoeken.

Temperatuur meten bij je hond of kat

De lichaamstemperatuur is een belangrijke waarde, zeker als je dier sloom is, niet wil eten of zich anders gedraagt dan normaal. Helaas werkt een infraroodthermometer bij dieren niet betrouwbaar. Om de kerntemperatuur te meten, moet je de temperatuur rectaal opnemen.

Doe dit bij voorkeur met z’n tweeën, want de meeste dieren vinden het niet prettig. Denk ook aan je eigen veiligheid. Breng altijd een beetje vaseline aan op de thermometer voordat je deze voorzichtig inbrengt. Gebruik bij voorkeur een aparte thermometer voor je huisdieren en niet dezelfde als voor gezinsleden.

Een normale lichaamstemperatuur bij honden gemiddeld tussen de 38,0 en 39,0 graden Celsius. Bij een kat is dat tussen de 38,5 en 39 graden Celsius.

Waarom is het goed om dit te oefenen?

Door regelmatig de ademhaling, pols en temperatuur van je hond of kat te meten, leer je wat normaal is voor jouw dier. Dat maakt het veel makkelijker om afwijkingen vroegtijdig te herkennen. Juist bij spoedsituaties kan dat een groot verschil maken.

Train niet alleen jezelf, maar laat je dier er ook rustig aan wennen. Beloon na afloop altijd even, zodat het een positieve ervaring blijft. Zo wordt het controleren van deze belangrijke gezondheidswaarden een vast en waardevol onderdeel van de zorg voor je hond of kat.

CRT staat voor Capillary Refill Time, oftewel de tijd die kleine bloedvaatjes nodig hebben om zich opnieuw te vullen met bloed. Het is een eenvoudige, maar belangrijke controle binnen de EHBO bij honden. Als dierenarts gebruikt Piet Hellemans deze test regelmatig om snel een indruk te krijgen van de circulatie van een dier.

Bij honden is de CRT goed te beoordelen. Bij katten is het helaas wat lastiger en minder betrouwbaar, maar het principe blijft hetzelfde.

Hoe meet je de CRT bij je hond?

Je begint met het optillen van de bovenlip. Zoek een stukje roze, ongepigmenteerd tandvlees. Het tandvlees is één van de slijmvliezen waar je de doorbloeding goed kunt beoordelen. Rond de hoektanden in de bovenkaak is vaak een fijne plek om te kijken, en de meeste honden vinden het hier ook minder vervelend als je voorzichtig drukt.

Controleer eerst of het tandvlees mooi roze is. Dat is de normale kleur en een belangrijke basis voordat je verder gaat (meer hierover zie je ook in onze Eerste Hulp Bij Dieren video over slijmvliezen).

Druk vervolgens zachtjes met je vinger op het tandvlees totdat het wit wordt. Je duwt hiermee tijdelijk het bloed uit de kleine haarvaatjes. Laat daarna los en kijk hoe snel de roze kleur terugkomt.

In deze video laat Piet je zien hoe je dit allemaal doet.

Wat is een normale Capillary Refill Time?

Bij een gezonde hond hoort het tandvlees zich binnen ongeveer één seconde weer te vullen met bloed. Je ziet dan dat het witte plekje snel weer dezelfde roze kleur krijgt als de rest van het tandvlees.

Duurt dit duidelijk langer dan één seconde? Dan spreken we van een verlengde CRT. Dat is altijd een reden tot zorg.

Wat betekent een verlengde CRT bij honden?

Een verlengde Capillary Refill Time kan voorkomen bij ernstige en levensbedreigende aandoeningen, zoals:

Al deze oorzaken zijn spoedgevallen. Zie je dat de CRT langer duurt dan één seconde, dan is het belangrijk om je hond zo snel mogelijk door een dierenarts te laten onderzoeken.

Belangrijk om te weten: een normale CRT betekent niet automatisch dat je hond volledig gezond is. Het zegt alleen iets over de doorbloeding op dat moment. Andersom geldt wél dat een verlengde CRT vrijwel altijd wijst op een (ernstig) probleem.

Door regelmatig te oefenen met het controleren van de slijmvliezen en de CRT bij je hond, leer je wat normaal is voor jouw dier. En juist dat maakt dat je sneller herkent wanneer er iets écht mis is.

De slijmvliezen van je hond of kat vertellen je verrassend veel over wat er op dat moment in het lichaam gebeurt. Als dierenarts kijkt Piet Hellemans hier altijd naar tijdens een consult, omdat de kleur van de slijmvliezen belangrijke informatie geeft over de doorbloeding en zuurstofvoorziening. Gelukkig kun je dit als eigenaar ook zelf leren controleren. Hoe? Dat legt hij je in deze video uit.

Waar vind je de slijmvliezen bij je hond of kat?

Slijmvliezen kun je het makkelijkst bekijken op het tandvlees. Til voorzichtig de lip op en kijk naar het tandvlees boven de tanden. Ook op de tong en aan de binnenkant van de oogleden (als je die voorzichtig iets omhoog of omlaag beweegt) kun je de slijmvliezen beoordelen.

Normale slijmvliezen bij honden en katten zijn mooi roze van kleur. Sommige dieren hebben donkere pigmentvlekken op hun tandvlees of tong. Op die plekken kun je de kleur minder goed beoordelen, dus zoek dan een stukje dat wel roze hoort te zijn.

Door dit regelmatig te oefenen, leer je wat normaal is voor jouw dier. Tegelijkertijd went je hond of kat eraan dat je in de bek kijkt. Je traint dus niet alleen jezelf in het controleren van de slijmvliezen, maar ook je dier om dit rustig toe te laten.

Wat zeggen roze slijmvliezen?

Roze slijmvliezen betekenen dat er op dát moment voldoende bloed en zuurstof door het lichaam wordt vervoerd. Dat is een goed teken, maar het betekent niet automatisch dat je dier helemaal gezond is. Het geeft alleen informatie over de circulatie en zuurstofvoorziening op dat specifieke moment.

Zijn de slijmvliezen afwijkend van kleur? Dan is dat altijd een reden om alert te zijn.

Afwijkende slijmvliezen bij honden en katten

Bleke slijmvliezen kunnen wijzen op bloedverlies, bijvoorbeeld na een ongeval of bij inwendige bloedingen. Ook bij hartproblemen kan het tandvlees lichter of bijna wit kleuren.

Gele slijmvliezen zien we bij geelzucht en kunnen duiden op ernstige leverproblemen.

Felrode slijmvliezen kunnen voorkomen bij heftige allergische reacties of bij ernstige ontstekingen, zoals een flinke tandvleesontsteking.

Bij puppy’s en kittens zijn de slijmvliezen vaak wat lichter roze dan bij volwassen honden en katten. Dat is normaal, maar ook hier geldt: leer wat normaal is voor jouw dier.

Wanneer naar de dierenarts?

Zie je plotseling een duidelijke verandering in de kleur van de slijmvliezen? Of combineert dit met klachten zoals sloomheid, benauwdheid, braken of instorten? Neem dan altijd contact op met je dierenarts.

Het controleren van de slijmvliezen van je hond of kat is een eenvoudige handeling die veel informatie kan geven. Door dit regelmatig te doen, herken je sneller afwijkingen en kun je op tijd ingrijpen. En juist dat kan in sommige situaties het verschil maken.

Wat moet je doen bij een brandwond bij je hond of kat? Een ongeluk zit helaas in een klein hoekje. Een kat die op een warme kookplaat springt, een hond die met zijn staart langs een kaars gaat of hete olie of water dat per ongeluk over je dier heen komt, het kan in een fractie van een seconde gebeuren. Brandwonden bij honden en katten zijn niet alleen erg pijnlijk, ze kunnen ook snel verergeren als je niet direct en juist handelt.

In deze video legt dierenarts Piet Hellemans je uit wat je moet doen wanneer jouw dier een brandwond heeft.

Eerste hulp bij een brandwond bij je hond of kat

Het allerbelangrijkste bij een brandwond is: direct koelen. Hoe sneller je koelt, hoe minder diep de verbranding wordt.

Koel de verbrande huid met lauw, zacht stromend water. Net zoals bij mensen dus. Gebruik geen ijskoud water, want dat kan de huid verder beschadigen. Spoel minimaal 5 minuten. Bij een tweedegraads of zelfs derdegraads brandwond is het advies om 15 minuten te koelen.

Houd er rekening mee dat je hond of kat veel pijn heeft en mogelijk in paniek raakt. Denk dus ook aan je eigen veiligheid. Probeer rustig te blijven en fixeer je dier zo veilig mogelijk.

Let er ook op dat je alleen het verbrande lichaamsdeel koelt. Koel je het hele dier, dan bestaat de kans op onderkoeling, zeker bij kleinere honden en katten.

Waarom is een brandwond zo gevaarlijk?

De huid is veel meer dan alleen een beschermlaag. Het is een belangrijk orgaan dat beschermt tegen bacteriën, helpt bij het regelen van de lichaamstemperatuur en een rol speelt bij het afvoeren van afvalstoffen. Bij een brandwond raakt deze natuurlijke barrière beschadigd.

Daardoor kunnen infecties ontstaan, kan je dier veel vocht verliezen en kan de temperatuurregeling verstoord raken. Zeker bij grotere of diepere brandwonden kan dit ernstige gevolgen hebben voor de gezondheid van je hond of kat.

Altijd naar de dierenarts bij een brandwond

Bij een brandwond is het altijd verstandig om contact op te nemen met je dierenarts. Ook als de plek in eerste instantie mee lijkt te vallen. De ernst van een brandwond is namelijk niet altijd direct zichtbaar. Wat oppervlakkig lijkt, kan dieper zijn dan je denkt.

Je dierenarts kan beoordelen of er sprake is van een eerste-, tweede- of derdegraads brandwond en bepalen welke behandeling nodig is om infecties te voorkomen en het herstel te bevorderen.

Voorkom likken en smeer geen zalf voor mensen

Net als bij andere wonden is het belangrijk dat je hond of kat niet aan de verbrande huid likt. Liken vertraagt de genezing en vergroot de kans op infectie. Een kraag of een speciaal romppakje kan hierbij helpen.

Smeer geen brandwondenzalf voor mensen op de huid van je dier. Deze producten zijn niet geschikt voor honden en katten en kunnen zelfs verklevingen veroorzaken of het herstel bemoeilijken.

Bij brandwonden bij je hond of kat geldt dus: direct en lang genoeg koelen, daarna altijd laten beoordelen door je dierenarts.

De oren van onze huisdieren zijn slim ontworpen. Ze maken zelf oorsmeer aan, en dat heeft een belangrijk nut: het houdt de gehoorgang soepel en werkt bovendien antibacterieel. Een beetje oorsmeer is dus juist goed!

Als jouw hond of kat geen last van de oren heeft en er geen overmaat aan oorsmeer zichtbaar is, hoef je de oren niet schoon te maken. Te vaak schoonmaken kan de natuurlijke balans juist verstoren.

Waarom oorsmeer belangrijk is

Oorsmeer vormt een natuurlijk beschermlaagje in de gehoorgang. Het vangt stof en kleine vuildeeltjes op en werkt licht antibacterieel. Bij sommige rassen, zoals honden met hangende oren of katten met veel beharing in de gehoorgang, wordt soms iets meer oorsmeer geproduceerd. Dat betekent niet meteen dat er iets mis is, alleen bij overmatig oorsmeer, een afwijkende geur of klachten is verder onderzoek nodig.

Hoe herken je oorproblemen?

Dieren met oorproblemen laten dat meestal duidelijk merken. Ze schudden met hun kop, krabben aan de oren of houden hun hoofd wat scheef. Door dat schudden en krabben raakt de huid geïrriteerd, waardoor er nog meer oorsmeer wordt aangemaakt en het oor uiteindelijk kan gaan ontsteken.

Een ontstoken oor is vaak pijnlijk, rood, gezwollen en ruikt soms onaangenaam. Controleer daarom regelmatig de oren van je hond of kat:

Hoe vaker je dit doet, hoe sneller je merkt als er iets niet in orde is. Je kunt dit eenvoudig doen tijdens een knuffelmoment, zodat het geen stressvol gedoe wordt.

Hoe maak je oren veilig schoon?

Als jouw dier lichte oorklachten heeft, kun je vaak veel verbeteren door de oren tijdig schoon te maken. Gebruik een speciale oorcleaner van de dierenarts of dierenwinkel en volg de stappen die dierenarts Piet Hellemans in onderstaande video met je doorneemt.

Je zou het misschien niet zeggen, maar er bestaan maar liefst zo'n 2000 verschillende soorten vlooien. De 'kattenvlo' is verreweg de meest voorkomende soort, maar laat je niet misleiden door de naam: deze kleine springers zijn zeker niet kieskeurig. Als hun favoriete gastheer, de kat, niet in de buurt is, springen ze net zo gemakkelijk over op een hond of een ander behaard dier. 

Met een grootte van slechts 1 tot 3 millimeter lijken vlooien misschien ongevaarlijk, maar ze zijn uiterst effectief in wat ze doen. Deze kleine parasieten leven van hun gastheren door te bijten en vervolgens bloed te drinken. Tijdens het bijten spuiten ze een klein beetje speeksel in het wondje om te voorkomen dat het bloed stolt, zodat ze ongestoord kunnen blijven drinken. Helaas veroorzaakt dit speeksel een enorme jeuk, waardoor de aanwezigheid van vlooien al snel veel ongemak veroorzaakt. Heb je vlooien ontdekt bij je huisdier? Geen paniek! Dierenarts Piet Hellemans helpt je verder.

Vlooien op vacht

Je ziet ze niet, maar ze zijn er wel

Wist je dat slechts 5% van de vlooien zich écht op je huisdier bevindt? De overige 95% verstopt zich in de nabije omgeving. Daarom is het belangrijk om grondig schoon te maken als je vlooien op je huisdier ziet. Het kan namelijk 2 tot 3 maanden duren voordat je alle vlooien (en hun voorstadia) hebt uitgeroeid. Ze kunnen zich niet alleen in kussens en vloerkleden verstoppen, maar ook in naden, achter plinten en in andere kieren en spleten van je huis. Dit betekent dat je te maken hebt met een ware vlooienplaag. Bescherm je dieren daarom met je juiste vlooienmiddelen.

Daarom is het belangrijk om niet pas te behandelen als je vlooien ziet, maar juist preventief. Begin je pas als er al vlooien aanwezig zijn, dan kan het maanden duren voordat de cyclus volledig doorbroken is. Veel baasjes denken dan dat het middel niet werkt, terwijl het probleem eigenlijk komt door te late of onregelmatige behandeling.

In de video hieronder laat dierenarts Piet Hellemans je zien hoe je vlooien kunt herkennen bij je huisdier, en hoe je ze effectief kunt voorkomen.

Een soort super moeder

Een enkele vlo kan wel 30 tot 40 eitjes per dag leggen. Voor een volwassen vlo draait het leven eigenlijk maar om twee dingen: eten en eieren leggen. Een vrouwelijke vlo kan gedurende haar leven meer dan 2000 eitjes produceren. Dat verklaart waarom een vlooienprobleem zo snel uit de hand kan lopen!

Mini-krachtpatsers

Vlooien kunnen supergoed springen, ook al hebben ze geen vleugels. Hun poten zijn speciaal gemaakt om dat te kunnen. Ze gebruiken een soort veer-achtig eiwit dat hen helpt om heel ver te springen. Eigenlijk kunnen ze tot wel 200 keer hun eigen lengte springen! Stel je voor dat mensen dat konden, dan zouden we over hoge gebouwen kunnen springen als superhelden!

Eén van de meest voorkomende redenen om met je hond of kat naar de dierenarts te gaan, zijn maagdarmproblemen, zoals braken en diarree. Gelukkig is dat niet altijd iets ernstigs. Dieren kunnen, net als wij, weleens een dag hebben waarop de maag even van streek is.

Wanneer is braken normaal?

Een hond of kat mag best af en toe braken. Als jouw dier verder vrolijk, actief en normaal etend is, dan zijn één tot twee keer per week overgeven geen reden tot zorgen. Katten bijvoorbeeld likken hun vacht schoon en krijgen daardoor veel haren binnen. Als die niet via de ontlasting verdwijnen, dan komen ze er als haarballen weer uit.

Bij honden ligt het vaak anders: zij snuffelen overal aan en likken hun neus schoon, of ze pikken iets van straat dat niet helemaal goed valt. Een keer overgeven hoort daar soms gewoon bij.

Wanneer moet je alert zijn?

Als je hond of kat vaker dan één à twee keer per week braakt, of als er andere klachten bijkomen, is het verstandig om even langs de dierenarts te gaan. Let vooral op signalen zoals:

Bij katten die veel aan hun vacht likken, kan overmatig poetsen ook een teken zijn van vlooien of huidirritatie. Controleer dus altijd even goed of er geen parasieten aanwezig zijn.

In de video hieronder legt dierenarts Piet Hellemans uit wanneer braken en diarree nog onschuldig zijn, en wanneer het tijd is om actie te ondernemen.
Je leert hoe je de signalen herkent en wat je zelf kunt doen om het maagdarmstelsel van je dier gezond te houden.

Wanneer de lente aanbreekt, worden de dieren weer actiever. Ze ontwaken uit hun winterslaap en gaan op zoek naar voedsel, vogels beginnen met het maken van een nest en  er worden een hoop jonge dieren geboren. Het is een prachtige tijd, maar sommige dieren kunnen best wat hulp gebruiken.

We hebben op een rijtje gezet wat je kunt doen om te helpen, maar ook wat je vooral niet moet doen. Lees je mee?

De grote schoonmaak

In de lente laat de zon zich steeds vaker zien. Buiten wordt de natuur steeds groener en willen we de tuin zomerklaar gaan maken. Heerlijk! Zo kunnen we lekker veel tijd buiten doorbrengen, maar het is wel goed om stil te staan bij de dieren.

Ga jij aan de slag om de tuintegels schoon te schrobben? Denk dan wel aan de dieren! Schoonmaakmiddelen zoals algenreiniger of  groene-aanslagreiniger zijn namelijk giftig. Honden, katten of natuurdieren hoeven niet eens direct in aanraking te komen met deze middelen.

Als zij over het schoongemaakte terras lopen en daarna aan de pootjes likken, kunnen er pijnlijke blaren op de tong, keel of neus ontstaan. Gebruik daarom een hogedrukspuit of spoel na gebruik van een reiniger het terras heel goed na met water en laat je dier pas weer buiten als het terras goed is opgedroogd.

Grasmaaiers

We willen allemaal een strak gemaaid gazon en tegenwoordig bestaan hier allerlei gadgets voor. Bijvoorbeeld een sproeier om het gras mooi groen te houden, maar ook robotmaaiers. De scherpe messen kunnen de dieren die zich verschuilen in het gras, zoals egeltjes met jongen, zwaar verwonden.

Voorkom ongelukken door eerst een rondje over het gras te lopen voordat je gaat maaien. Kijk of er egels, of andere dieren, in het gras liggen en haal ze vooraf weg.

Gebruik jij een automatische grasmaaier? Zet deze dan alleen overdag aan, egels gaan voornamelijk 's nachts op pad. Zo voorkom je een hoop slachtoffers.  

Diervriendelijke tuin

Dieren in de tuin maken een tuin lekker levendig. Van een bijtje op een bloem tot een vogel die een nestje bouwt, van een mol die een heel gangenstelsel graaft tot een egel die een winterslaap houdt. Het kan er druk aan toe gaan. Door je tuin diervriendelijk in te richten, komen veel dieren op een tuin af.

Denk bijvoorbeeld aan nestkasten waar vogels en vleermuizen in kunnen verblijven en/of nestelen, of een egeltrap zodat egels veilig uit vijvers en sloten kunnen komen als ze er invallen als ze op zoek zijn naar water. Maar ook een schaaltje water helpt vaak al veel dieren. Met name dieren die net uit winterslaap komen en op zoek zijn naar voedsel.

> Meer tips voor een diervriendelijke tuin

Het seizoen van de jonge dieren

De lente is de tijd waarin veel jonge dieren geboren worden. Kuikentjes, reekalfjes, haasjes en veel andere jonge dieren komen ter wereld. De kersverse ouders zijn vaak druk in de weer om hun jongen te verzorgen. De jonge dieren worden soms even alleen gelaten als ze op zoek gaan naar voedsel. Ze worden dan ten onrechte meegenomen. Dit wordt wildkidnapping genoemd. Neem nooit zomaar een dier uit de natuur mee als het dier niet zichtbaar verwond is.

> Lees meer over wildkidnapping

Ook bij vogels komt dit voor. Het is normaal dat jonge vogels die het nest verlaten wat opstartproblemen hebben. De kleintjes komen voor het eerst in de grote, wijde wereld, alles is nieuw en ze moeten een hoop leren. In deze periode worden ze ondersteund door de ouders en dat doen ze vanaf de grond. Vaak worden ze onterecht bij vogelopvangcentra binnengebracht door mensen die denken dat jonge vogels die op de grond zitten, hulp nodig hebben. Er zijn dan even geen ouders in de buurt en mensen denken dat ze goed doen door de vogels naar een vogelopvang te brengen. Dit noem je chicknapping.

> Lees meer over chicknapping

Wanneer moet je wel ingrijpen?

Je hebt een vogel gevonden, wat nu? Dit is een vraag die bij vele mensen door het hoofd schiet, misschien ook wel bij jou! Belangrijk in ieder geval is om te voorkomen dat er onnodig wordt ingegrepen. Niet in alle gevallen hoef je de vogel te helpen. Daarom delen wij graag deze informatie met jullie over wat je wel en juist niet moet doen.

> Lees hier waar je op kunt letten bij het vinden van een vogel

Ik ben een dierenhulporganisatie

magnifiercross
linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram